Geloven in Gelderland: ”Dat kapelletje werd daar neergezet um de vrede te bevorderen.”

Joop Holtslag

In de huiskamer van de aanleunwoning bij het Vordense bejaardencomplex De Wehme vertelt Joop Holtslag over de parochie van Vierakker, een klein dorpje ten zuiden van Zutphen, dat één van de mooist bewaarde kerken van Nederland herbergt. Nog maar twee maanden geleden zijn Joop en zijn vrouw Thea verhuisd van hun woning aan de Dorpsstraat in Wichmond en we praten terwijl Thea op verkenning gaat naar de kapsalon in de nog maar half bekende gangen van het bejaardenhuis.
Joop is minstens zestig jaar actief geweest in de Kerk. Als misdienaartje heeft hij in 1936 nog meegelopen bij de begrafenis van Minister-president Ruijs de Beerenbrouck, die getrouwd was met de Jonkvrouwe Van der Heijden van het landgoed Suideras dat tegenover de dorpskerk ligt. Ook liep hij mee in diverse processies die op kerkelijke feestdagen werden gehouden.

Tekst en beeld: Margreet Gründemann

De kruiskapel aan de Baakseweg:
”Dat was in de oorlog, ja, Pastoor Ter Heerdt hadden we toen, en die heeft een schets gemaakt. Ik denk wel zeker dat Ter Heerdt ’t zelf gedaan heeft. Dat kapelletje werd daar neergezet um de vrede, om…ja, omdat het oorlog was, enne om de vrede te bevorderen, laat ik maar zo zeggen. Dat was nog niet oecumenisch bedoeld, dat is pas later gekomen. Er werd geen mis opgedragen, maar één keer per jaar werd er een Oogstdankviering gehouden, zo noemden ze dat. Ik zat toen in het bestuur van de ABTB, daar vielen een stuk of zes, zeven parochies onder. Baak, Keijenburg, Hengelo … Er is niet speciaal gekozen voor die plaats op de grens met Baak en Vierakker, nee, ’t was een beetje het centrum, laat ik maar zeggen met Vorden. Vorden hoorde er ook bij en dan achter Steenderen, Olburgen, dat hoorde er ook allemaal bij. De grond kwam van de familie Holtslag, geen familie van ons, anders had ik het ook niet verteld. En die heeft de grond afgestaan, eh gratis afgestaan. Niet aan de kerk! Het is van de boerenbond, dat is nu LTB. Het lag toen ook niet zó aan de weg. De ouwe weg loopt eigenlijk achter het kruiskapelletje, dat was vroeger de officiële weg van Baak naar Wichmond, die is later iets gericht. Toen de standsorganisaties samen gingen, de ABTB, CBTB en die andere, is die kapel, die dus eerst door de katholieken was opgericht overgegaan naar de algemene bond. Ja, Hogerhand ging dan al een keer samen. Pastoor Ter Heerdt was geestelijk adviseur van de jonge boeren en die hebben het ook eigenlijk opgericht. Juist, zo is ’t eigenlijk. Er kwamen zo’n zeven, acht parochies zeker en die werkten allemaal samen om bij dat kapelletje een Oogstdankdienst te houden. Ja, dat was allemaal buiten dan en bij slecht weer werd uitgeweken naar de kerk van Baak. Ja, omdat de kerk het grootst was, jaja.”

De kruiskapel

”De Mariakapel, de grot dan, in de pastorietuin die is ook gebouwd door pastoor Ter Heerdt. Initiatief van pastoor Ter Heerdt hè, een hele vrome, géén makkelijke man, maar wel ’n vrome man. Die was ook voor de vrede. Ter Heerdt deed veel voor de vrede. Die grot werd dan aangedaan als rustpunt bij een processie, een Mariaprocessie, of op Sacramentsdag. En er was ook een rustaltaar bij de serre van de pastorie en op het kerkhof nog een. Dan werd er effen gebeden en gezongen, het koor dat zong wat enne ja…. de pastoor die bad wat voor. Ik was misdienaar, mocht van die lampions dragen. We waren met een stuk of acht.
Het waren best grote processies en de meeste katholieken deden daaraan mee. Ja er stonden er ook wel veel langs de kant hoor. En daar waren ook veel protestanten bij. Vroeger, pas later is dat veranderd, toen mochten de katholieken over de straat heen naar het Suideras. Mijn vrouw komt van Wehl en daar waren die processies groter. Ja, dat was van oudsher een katholieke streek, daar mocht dat altied al wel, op de openbare weg. In de Liemes. Ja, of dat nog is, ik weet ’t niet. Het is wel wat verwaterd. Ik weet niet wanneer de laatste processie in de pastorietuin geweest is. Ik denk dat het bij pastoor Kok een beetje afgeschaft is.”

De Mariagrot

”Nou wat ik al niet gedaan heb, vanaf mijn veertiende jaar omdat ik misdienaar ben geweest. Ik heb onder andere Ruijs helpen begraven, Ruijs de Beerenbrouck? Ja, ja. Toen was ik misdienaar. Ik sta op de foto van de begrafenis. Je had toen de Katholieke Illustratie en daar stond foto in. Je had Monseigneur Lemmens, die was toen bisschop van Limburg. En als we als misdienaar de bisschop wat gaven dan moest je de ring kussen. Ik kan me Ruijs nog goed herinneren. Hij wandelde regelmatig door ’t bos naar de kerk. Enne dit is ook historisch. Toen komt er een of ander oud boertje op de fiets en die fietste Ruijs van de benen. Toen zeiden de mensen, de man heette Plakkenberg: “Plakkenberg heeft ’t kabinet laten vallen!”. Maar, hij was kwaad hoor, met de vuist op de grond geslagen! Het stond hem niet aan! Toen wàs hij Minister-president. Hij is ook één van de langstdurende presidenten geweest hè.”

Kijk ook eens op: